Kinderneurologie
A|A|A
kinderneurologie

 

 

 

 

 



Ziektebeelden

Vraag om informatie

Gastenboek

Van A tot en met Z

Praktische links

Contact met ouders

Neurologische woordenlijst

Psychose bij een kind

 

Wat is een psychose?
Een psychose is een psychiatrische aandoening waarbij kinderen het contact met de normale wereld kwijt zijn geraakt en beelden zien of geluiden horen die er in werkelijkheid niet zijn, waardoor kinderen heel angstig en verward raken.

Hoe wordt een psychose ook wel genoemd?
Psyche is het medische woord voor de geest van een mens. De uitgang –ose betekent ziekte.
Het woord psychose wordt gebruikt voor een periode van meerdere dagen of weken waarin een kind het contact met de normale wereld kwijt is geraakt en beelden ziet of geluiden hoort die er in werkelijkheid niet zijn.

Psychotische stoornis
Er wordt gesproken van een psychotische stoornis wanneer kinderen vaker last hebben van psychoses en/of van andere psychiatrische klachten. Een klein deel van de kinderen die een psychose meemaakt, heeft een psychotische stoornis. Een voorbeeld van een psychotische stoornis is schizofrenie. Tegenwoordig wordt ook wel de term psychosespectrumstroonis gebruikt.

Delier
Verwardheid en het zien van beelden of horen van geluiden die er niet zijn tijdens een periode van ziek zijn en/of hoge koorts worden een delier genoemd. Dit staat los van een psychose en kent ook hele andere oorzaken.

Hoe vaak komt een psychose voor bij kinderen?
Het is niet goed bekend hoe vaak een psychose voorkomt bij kinderen. Geschat wordt dat één op de 200 pubers een psychose doormaakt.
Wanneer een kind beelden ziet of geluiden hoort die er in werkelijkheid niet zijn, dan is er niet meteen sprake van een psychose. Het zien van beelden of horen van geluiden die er in werkelijkheid niet zijn komt namelijk bij één op de tien kinderen een keer voor tijdens de kinderleeftijd.
Een psychotische stoornis komt ongeveer bij één op de 15.000 jongeren voor.

Bij wie komt een psychose voor?
Op de kinderleeftijd komt een psychose het meest voor tijdens de puberteit.
Kinderen die een ouder of broer of zus hebben, die een psychose heeft gehad, hebben een grotere kans om zelf ook te maken te krijgen met een psychose.
Kinderen met een ontwikkelingsachterstand en/of autistiforme kenmerken hebben ook een grotere kans om een psychose te ontwikkelen.
Zowel jongens als meisjes kunnen een psychose krijgen, een psychose op de kinderleeftijd blijkt twee keer zo vaak bij jongens als bij meisjes voor te komen.

Wat is de oorzaak van een psychose?
Veranderde werking van de hersenen
Tijdens een psychose verwerken de hersenen allerlei signalen op een andere manier dan gebruikelijk. Het evenwicht tussen het limbische systeem (de amygdala en de hippocampus) de zogenaamde diepe basale kernen (het striatum) en de voorkant van de hersenen (de prefrontaalkwab) is verstoord waardoor de symptomen van een psychose ontstaan.

Verstoord evenwicht tussen boodschapperstofjes
Ook ontstaat er een verstoord evenwicht tussen allerlei boodschapper stofjes in de hersenen. Vaak ontstaat er een overmaat aan dopamine en glutamaat in de basale kernen die de hersenen activeren en zorgen voor het ontstaan van positieve symptomen. In de prefrontaal kwab is juist te weinig dopamine waardoor negatieve symptomen ontstaan. Ook is de verhouding tussen glutamaat en het rustgevende GABA verstoord.

Erfelijke aanleg
Kinderen die een nabij familielid hebben die een psychose heeft meegemaakt, hebben een verhoogde kans om zelf ook een psychose te krijgen. Waarschijnlijk speelt een erfelijke aanleg die een rol speelt bij de opbouw van de hersenen een rol bij de kans op het ontstaan van een psychose. Welke factoren in het erfelijk materiaal een rol spelen is nog niet goed bekend.

Psychiatrische aandoening
Een psychose kan onderdeel zijn van een andere psychiatrische aandoening zoals een depressie of een posttraumatische stressstoornis (PTSS).

Kinderlijk trauma
Kinderen die op jonge leeftijd een trauma hebben meegemaakt, zoals verwaarlozing, oorlog of mishandeling hebben een grotere kans om een psychose te krijgen. Door het trauma wat kinderen hebben meegemaakt hebben kinderen zich vaak niet goed leren hechten aan vertrouwde figuren, ze hebben vanaf jonge leeftijd weinig vertrouwen in anderen. Het trauma kan gemaakt hebben dat kinderen hebben leren dissociëren, afstand nemen van hun gevoelens. Ook hebben kinderen die op jonge leeftijd een trauma hebben doorgemaakt vaak een hogere stress niveau in hun lichaam met hogere waardes van het stresshormoon cortisol. Het trauma zorgt voor veranderingen in de hersenen en in de stresshormoonwaarden waardoor deze kinderen kwetsbaarder zijn voor het ontwikkelen van een psychose.

Ontwikkelingsachterstand en/of autisme
Kinderen met een ontwikkelingsachterstand en/of autisme hebben ook een grotere kans op het ontwikkelen van een psychose tijdens de puberteit. Dit is bijvoorbeeld bekend bij kinderen met het 22q11 deletie syndroom, het fragiele X-syndroom, het Klinefelter syndroom of het Prader Willi syndroom, maar kan ook bij veel andere nog minder bekende genetische syndromen voorkomen. Kinderen met een ontwikkelingsachterstand en/of autisme hebben vaak meer moeite om de wereld om hen heen te kunnen begrijpen en hebben hierdoor een grotere kans op het krijgen van een psychose.

Drugs en alcohol
Een psychose kan ook het gevolg zijn van het gebruiken van drugs, zoals bijvoorbeeld cannabis (blowen), paddo’s, lijm snuiven, ecstasy, cocaïne of amfetamine.
Een psychose kan ook het gevolg zijn van het drinken van te veel alcohol of het stoppen met drinken van alcohol nadat de jongere dit langere tijd wel heeft gedaan.

Medicatie
Een psychose bij een kind kan ook het gevolg zijn van het gebruik van bepaalde medicijnen zoals prednison, anti-epileptica, antihistaminica, anticholinergica, morfine, antidepressiva, dopamine receptor antagonisten, bepaalde antibiotica (sulfonamiden, penicilline G, fluoroquinolonen. Cefalosporines), cytostatica en bloeddruk verlagende medicijnen (bètablokkers, calciumantagonisten, ACE-remmers)

Intoxicatie
Een vergiftiging (ook wel intoxicatie genoemd) met koolstofmonoxide of met zware metalen (lood, kwik) of vluchtige stoffen (verf en benzine) kan ook zorgen voor het ontstaan van een psychose.

Stoornis in de hormoonhuishouding
Een psychose kan het gevolg zijn van een stoornis in de hormoonhuidhouding. Een overmaat aan schildklierhormoon kan zorgen voor het ontstaan van een psychose, net als een overmaat aan cortisol door de ziekte van Cushing of een tekort een cortisol door een bijnierschors insufficiëntie. Ook stoornissen van de bijschildklier kunnen zorgen voor het ontstaan van een psychose.

Vitamine te kort
Een tekort aan foliumzuur, vitamine B12 of vitamine D kan bijdragen aan de kans op het ontstaan van een psychose.

Ontsteking van de hersenen
Bij kinderen die van het een op het andere moment een psychose krijgen moet gedacht worden aan een ontsteking in de hersenen als oorzaak voor het ontstaan van de psychose. De groep van de zogenaamde auto-immuunaandoeningen zoals anti-NMDA receptorencefalitis, Hashimoto encefalitis of de ziekte SLE kunnen de oorzaak zijn van het ontstaan van een psychose. Geleidelijk aan zullen naast de psychose ook andere symptomen zoals chorea en epileptische aanvallen ontstaan, waardoor duidelijk wordt dat er sprake is van een onderliggende ziekte.
Ook een infectie van de hersenen met het herpesvirus, met Borrelia of met malaria of HIV kan zorgen voor het ontstaan van een psychose.

Stofwisselingsziekte
Heel zelden is een psychose het eerste symptoom van een stofwisselingsziekte, zoals de ziekte van Niemann-Pick type C, metachromatische leucodystrofie (MLD), porfyrie, de ziekte van Wilson of van ceroid lipofucsinose. Ook dan ontstaan er naast de psychose andere symptomen die duidelijk maken dat er sprake is van een onderliggende ziekte.

Hersentumor
Heel zelden is een hersentumor de oorzaak van het ontstaan van een psychose bij een kind.

 

Wat zijn de symptomen van een psychose?
Variatie
Er bestaat een grote variatie in de hoeveelheid en in de ernst van de symptomen die verschillende kinderen met een psychose hebben.

Negatieve, positieve en cognitieve symptomen
Er wordt onderscheid gemaakt in negatieve symptomen en positieve symptomen. Negatieve symptomen zijn normale vormen van gedrag die ontbreken bij kinderen met een psychose. Positieve symptomen zijn extra symptomen die aanwezig zijn bij kinderen met een psychose die kinderen zonder psychose niet hebben, zoals het zien van beelden die er in werkelijkheid niet zijn. Cognitieve symptomen zijn problemen met nadenken en met onthouden.

Minder contact met vrienden
Een van de eerste tekenen van een psychose is vaak dat een kind of jongere minder behoefte heeft aan contact met vrienden. Jongeren gaan zich terug trekken en ondernemen minder activiteiten. Tijdens een psychose is het voor jongeren vaak moeilijk om contact te hebben met vrienden. Veel jongeren hebben aangegeven dat zij contact komend vanuit vrienden tijdens een psychose wel als heel steunend hebben ervaren.

Achteruitgang schoolresultaten
Naast minder contact met vrienden is, een ander voorteken voor het ontstaan van ene psychose vaak het achteruitgaan van de schoolresultaten. Jongeren halen minder goede cijfers en verzuimen vaker van school. Tijdens de lessen zijn jongeren er met hun aandacht niet bij. Het denken gaan vaak traag. Het lukt jongeren niet om aan het werk te gaan.

Geheugenproblemen
Tijdens een psychose kunnen kinderen nieuwe informatie vaak moeilijk onthouden. Ze vergeten bijvoorbeeld welke dag het is of wanneer ze naar en afspraak toe moeten. Ook lijken kinderen allerlei informatie die zij normaal gesproken wel weten, vergeten te zijn, zoals bijvoorbeeld de naam van hun broers en zussen.

Veranderd gedrag
Vaak laten kinderen tijdens een psychose veranderd gedrag zien. Sommige kinderen raken heel stil en teruggetrokken en zijn in zich zelf gekeerd. Kinderen ondernemen geen activiteit meer uit zichzelf, ze blijven de hele tijd op de plek zitten waar ze zijn gaan zitten. Dit wordt ook wel apathie genoemd. Kinderen praten of mompelen tegen mensen of wezens die andere mensen niet kunnen zien. Andere kinderen worden juist heel druk en beweeglijk en reageren erg geprikkeld op mensen in hun omgeving.

Anders praten
Kinderen kunnen tijdens een psychose met een andere stem praten of onduidelijk praten. Het is vaak moeilijk om het verhaal wat een kind in een psychose verteld te volgen. Vaak springt het verhaal van het ene naar het andere onderwerp. Sommige kinderen praten heel erg snel en de hele tijd door. Andere kinderen stoppen helemaal met praten en zeggen niets meer. Dit wordt ook wel mutisme genoemd.

Anders bewegen
Vaak bewegen kinderen tijdens een psychose op een andere manier dan gebruikelijk. Het bewegen gaat vaak langzamer en traag. Bewegen lijkt kinderen heel veel moeite te kosten.
Er zijn ook kinderen die juist heel druk en beweeglijk worden, zij zitten geen moment stil en bewegen de hele tijd heel onrustig. Kinderen kunnen ook gaan friemelen aan voorwerpen in de buurt.

Hallucinaties
Kinderen met een psychose hebben vaak last van hallucinaties. Zij zien beelden of horen geluiden die er in werkelijkheid niet zijn. Dit worden ook wel hallucinaties genoemd.
Vaak gaat het om beelden en geluiden die vervelend zijn en waar kinderen angstig van worden. Kinderen zien bijvoorbeeld mensen met allemaal bloed op hun lichaam. Beelden die er in werkelijkheid niet zijn, worden visuele hallucinaties genoemd. Geluiden kunnen bestaan uit angstige geluiden of bijvoorbeeld uit stemmen die het kind allerlei nare opdrachten geven, zoals sla je moeder. Deze geluiden worden auditieve hallucinaties genoemd. Ook kunnen kinderen geuren ruiken die er in werkelijkheid niet zijn. Dit worden olfactore hallucinaties genoemd.

Wanen
Tijdens een psychose kunnen ook wanen voorkomen. Dit zijn bizarre gedachtes die niet kloppen, maar voor kinderen in een psychose waar lijken te zijn. Kinderen kunnen denken dat via de lampen in en om huis kinderen voortdurend in de gaten gehouden worden door een instantie. Of dat de volgorde van de auto’s die door de straat rijden een geheime code doorgeven. Ook kunnen kinderen denken dat zij niet zichzelf maar iemand anders zijn, zoals een groot artiest of een belangrijke sporter.

Angstig
Tijdens een psychose zijn kinderen vaak heel angstig en verward. Het is voor ouders en andere omstanders vaak moeilijk om kinderen te troosten omdat het lastig is om na te gaan waar kinderen angstig van worden. Rustig aanwezig blijven helpt vaak het beste om kinderen met de angst om te laten gaan. Kinderen kunnen heel achterdochtig worden naar hun ouders toe en hen niet meer vertrouwen.

Katatonie
Een klein deel van de kinderen met een ernstige vorm van psychose krijgt last van een katatonie. Hierbij blijft een lichaamsdeel in de stand staan waarin deze wordt neergezet zonder dat het kind zelf deze arm of dit been nog beweegt. Kinderen kunnen langere tijd bewegingsloos blijven staan of zitten.

Problemen met slapen
Tijdens een psychose hebben kinderen vaak problemen met slapen. Veel kinderen hebben moeite met het in slaap vallen. Zij liggen vaak lang wakker. Ook kunnen kinderen gemakkelijk wakker worden in de nacht en dan weer moeilijk verder kunnen slapen. Vaak slapen kinderen onrustig. Ook worden kinderen met een psychose vaak vroeg in de ochtend wakker. Er zijn ook kinderen die tijdens een psychose juist heel veel slapen.

Zelfmoordgedachtes
Tijdens een psychose kunnen jongeren zelfmoordgedachtes hebben en dit helaas soms ook uitvoeren.

Hoe wordt de diagnose psychose gesteld?
Verhaal en onderzoek
Op grond van het verhaal van een kind of van de ouders dat het kind beelden ziet of geluiden hoort die er in werkelijkheid niet zijn en waar het kind niet in te corrigeren is, in combinatie met angst en verwardheid kan de diagnose psychose worden gesteld. Vaak wordt deze diagnose gesteld door een kinder- en jeugdpsychiater. Het hangt van het verhaal van de patiënt, de voorgeschiedenis en het voorkomen van klachten in de familie af of het nodig is om nader onderzoek te verrichten. Hoe jonger het kind, hoe groter de kans dat aanvullend onderzoek een onderliggende ziekte aantoont.

Vragenlijsten
Er bestaan speciale vragenlijsten die behulpzaam kunnen zijn bij het vaststellen van de diagnose psychose.

Bloedonderzoek
Door middel van bloedonderzoek wordt vaak gekeken of er geen sprake is van bijvoorbeeld een te snel werkende schildklier als oorzaak van het ontstaan van een psychose. Met bloedonderzoek kan ook gekeken worden of er aanwijzingen zijn voor een auto-immuunziekte, waardes zoals CRP, BSE, ANA of ANCA kunnen verhoogd zijn en specifieke antistoffen (tegen de NMDA receptor of tegen schildklier) kunnen verhoogd zijn bij auto-immuunziektes. Ook kan met bloedonderzoek gekeken worden of er aanwijzingen zijn voor een verstoorde werking van de hormonen of een tekort aan vitamines. Meestal worden ook de nier- en de leverfunctie gecontroleerd.

Stofwisselingsonderzoek
Door middel van bloed en urine onderzoek kan een stofwisselingsziekte worden aangetoond.

Toxicologisch onderzoek
Wanneer er aanwijzingen zijn voor een vergiftiging, kan door middel van bloed en urine onderzoek gekeken worden of hier aanwijzingen voor zijn.

MRI van de hersenen
Bij de meeste kinderen met een psychose laat een MRI scan van de hersenen geen afwijkingen zien. Bij een heel klein deel van de kinderen zijn er aanwijzingen voor een stofwisselingziekte of een hersentumor zichtbaar op de MRI scan.

DNA onderzoek
Bij kinderen die voor het ontwikkelen van de psychose een ontwikkelingsachterstand hadden en/of autistiforme kenmerken zonder dat hiervan de oorzaak bekend was, kan DNA onderzoek helpen om te kijken of er sprake is van een foutje in het DNA die de oorzaak is van het ontstaan van de ontwikkelingsachterstand en/of autistiforme kenmerken. Dankzij nieuwe genetische technieken, whole exome sequencing (WES) genoemd, lukt het steeds vaker om een foutje in het DNA aan te tonen. Vaak heeft dit nog geen gevolgen voor de behandeling die ingezet wordt, maar soms wel.

EEG
Bepaald type epilepsie aanvallen, zogenaamde focale aanvallen met verlaagd bewustzijn, kunnen een beeld geven wat lijkt op een kortdurende psychose. Wanneer hier aan gedacht wordt kan een EEG gemaakt worden. Bij deze zeldzame oorzaak van psychose worden op het EEG epileptiforme afwijkingen gezien. Bij andere oorzaken van psychose worden deze niet gezien, vaak wordt wel gezien dat de hersenen in een ander tempo werken dan gebruikelijk.
 
Hoe wordt een psychose behandeld?
Rust en regelmaat
Kinderen in een psychose hebben baat bij een rustige voorspelbare omgeving met zo veel mogelijk regelmaat en voorspelbaarheid. Dit geeft kinderen houvast in een periode waarin zij zichzelf heel verward en angstig voelen. Het helpt als de ouders rustig praten tegen hun kind en niet mee gaan in hallucinaties en wanen. Een dagprogramma met daarin momenten van activiteit (bijvoorbeeld een eindje wandelen of bezoek van vrienden) afgewisseld met momenten van rust en vaste slaaptijden werkt vaak het beste.

Kinder- en jeugdpsychiatrie
Hulpverleners vanuit de kinder- en jeugdpsychiatrie kunnen kind en ouders helpen om uit de psychose te komen. Vroegtijdig herkennen en behandelen van een psychose is heel belangrijk. Vaak zijn er meerdere hulpverleners betrokken zoals een psycholoog, een orthopedagoog, een kinder- en jeugdpsychiatrisch verpleegkundige, een maatschappelijk werkende en een kinder- en jeugdpsychiater. Zij geven kind en ouders uitleg wat er aan de hand is en denken samen met kind en ouders mee wat de beste behandeling is. Soms kunnen kinderen thuis blijven, vaak kunnen de hulpverleners thuis komen en thuis begeleiding geven. Soms lukt dit niet en worden kinderen tijdelijk opgenomen op een afdeling in de kinder- en jeugdpsychiatrie. Er bestaan in Nederland zogenaamde Vroege Interventie Psychose (VIP-teams) die snel met kind, ouders en al betrokken hulpverleners kunnen kijken welke behandeling het meest passend is.

Psycho-educatie
Een belangrijk onderdeel van de behandeling is uitleg over wat een psychose inhoudt en wat dit betekent voor een kind en voor het hele gezin en goede vrienden van het kind. Dit kan helpen om het kind beter te begrijpen en te helpen om de psychotische symptomen te verminderen. Een rustige begrijpende houding van de omgeving helpt kinderen om minder angstig te worden. Plezierige activiteiten kunnen tegenhang geven aan nare gevoelens.

Medicijnen
Vaak zijn kinderen tijdens een psychose zo angstig en verward dat zij behandeld moeten worden met medicijnen om de klachten van de psychose te verminderen. Medicijnen die hiervoor gebruikt kunnen worden heten antipsychotica. Er bestaan verschillende antipsychotica zoals risperidon, dipiperon, aripiprazol, haloperidol, olanzepine of clozapine. Een kinder- en jeugdpsychiater zal bekijken welk medicijnen geschikt is voor een kind. Er zal gezocht moeten worden naar een medicijn met goede werking en zo min mogelijk bijwerkingen. Naast antipsychotica worden vaak ook rustgevende en angstdempende medicijnen gegeven zoals oxazepam en lorazepam. Deze medicijnen kunnen ook helpen om beter te kunnen slapen, wat heel belangrijk is voor het herstel van een psychose.

Cognitieve gedragstherapie
Door middel van cognitieve gedragstherapie kunnen kinderen leren dat de beelden en de geluiden van een hallucinatie niet werkelijk zijn en hoe zij hiermee om kunnen gaan zonder er al te angstig door te worden. Ook leren kinderen tijdens cognitieve gedragstherapie hoe om te gaan met stress en spanning, omdat bekend is dat de psychotische klachten door stress en spanning vaak verergeren. Vaak wordt er ook gekozen voor gezinsbehandeling, omdat de psychose van het kind vaak een groot effect heeft op alle gezinsleden en omdat de manier waarop het gezin reageert op het kind met de psychose heel behulpzaam kan zijn om de symptomen van de psychose te verminderen.

School
Tijdens de psychose zelf is het voor veel jongeren niet haalbaar om naar school te gaan. Tijdens de herstelfase is het belangrijk om geleidelijk aan weer naar school toe terug te gaan. School maakt onderdeel uit van het normale leven van jongeren. In het begin zijn de doelen van het weer nar school gaan, het krijgen van ritme in de dag, contact met klasgenoten en vrienden en uitdaging om weer iets te leren. Het is belangrijk om jongeren niet te overvragen en het naar school gaan geleidelijk aan weer op te bouwen. Succeservaringen op school zijn heel belangrijk.

Voorkomen psychose
Het is voor alle jongeren, maar zeker voor jongeren met een grotere kans op het krijgen van een psychose, belangrijk om geen drugs te gebruiken. Het gebruik van drugs kan de aanleiding zijn voor het ontstaan van een psychose.

Leren omgaan met stress
Te veel stress kan een aanleiding zijn bij kinderen die een psychose hebben gehad om nog een keer een nieuwe psychose te krijgen. Het is daarom goed dat kinderen leren wat bij hen helpt om te herkennen dat er te veel stress aanwezig is en wat zij zelf kunnen doen om de stress te verminderen. Het regelmatig inbouwen van momenten van ontspanning en rust zijn belangrijk om te veel stress te voorkomen. Ontspanning kan bestaan uit het luisteren van muziek, het lezen van een boek, sporten, puzzelen of mediteren.

Voldoende rust en slaap
Een regelmatig leven met vast momenten van rust helpt om de kans op het krijgen van een nieuwe psychose te verminderen. Ook vaste bedtijden in een rustige koele omgeving met voldoende slaap helpen om de kans op het krijgen van een nieuwe psychose te verminderen.

Voeding
Een gezond en gevarieerd voedingspatroon is belangrijk om gezond te blijven. Er zijn wat aanwijzingen dat het eten van vette vis of het gebruik van visoliecapsules kan helpen om de kans op het ontwikkelen van een nieuwe psychose kan verminderen.

Begeleiding
Een maatschappelijk werkende of psycholoog kan ouders begeleiding geven in alle hevige emoties die komen kijken wanneer een kind een psychose krijgt. Het helpt om al het verdriet, de boosheid en machteloosheid die daarbij komt kijken uit te spreken.

Contact met andere ouders
Door middel van een oproepje op het forum van deze site kunt u proberen in contact te komen met andere jongeren en hun ouders/verzorgers die ook te maken hebben (gehad) met een psychose. Ook via de patiëntenvereniging Anoiksis en Ypsilon kunnen jongeren en hun ouders in contact kome met andere jongeren en hun ouders die een psychose hebben gehad.

Wat betekent het hebben van een psychose voor de toekomst?
Volledig herstellen
Een deel van de kinderen herstelt volledig van het doormaken van een psychose in de loop van enkele weken. Hoe sneller de behandeling wordt gestart na ontstaan van de eerste klachten, hoe groter de kans op herstel.

Restverschijnselen
Een deel van de kinderen houdt restverschijnselen over na het doormaken van een psychose. Kinderen zijn kwetsbaarder en hebben gemakkelijker last van gevoelens van bijvoorbeeld verdriet of zich anders voelen. Het is belangrijk om hier aandacht voor te hebben en kinderen hierin te begeleiden. Vaak leren kinderen deze gevoelens een plek te geven en vinden ze een nieuw evenwicht om met deze gevoelens en kwetsbaarheid een normaal leven te kunnen leiden met naar school gaan en activiteit ondernemen met vrienden.

Terugkeer van de psychose
Bij een deel van de kinderen ontstaat na verloop van tijd opnieuw een psychose. Wanneer kinderen twee maal een psychose hebben gehad, is er een grotere kans dat er sprake is van een psychotische stoornis. Kinderen met een psychotische stoornis houden een verhoogde kans om opnieuw een psychose te krijgen. Ook bestaat er een vergrote kans op het krijgen van andere psychiatrische klachten zoals bijvoorbeeld een depressie of een angststoornis.

Andere psychiatrische aandoeningen
Kinderen die een keer een psychose hebben gehad, hebben een vergrote kans op het krijgen van andere psychiatrische aandoeningen zoals een depressie of een angststoornis.

Overlijden
Psychose is een ernstige aandoening, waar helaas ook kinderen aan komen te overlijden. Overlijden is vaak het gevolg van zelfmoord.

Kinderen krijgen
Volwassenen die als kind een psychose hebben gehad kunnen kinderen krijgen. Het is goed dat een zwangere vrouw tijdens de zwangerschap wordt begeleid door een gynaecoloog en een psychiater omdat er tijdens de zwangerschap en het kraambed een verhoogde kans bestaat om opnieuw een psychose te krijgen. Kinderen van een ouder die een psychose hebben gehad hebben zelf een verhoogde kans om ook een psychose te krijgen.

Hebben broertjes en zusjes ook een verhoogde kans om ook een psychose te krijgen?
Bij het ontstaan van een psychose blijken erfelijke factoren een rol te spelen, zonder dat precies bekend is welke erfelijke factoren dit zijn. Broertjes en zusjes hebben daarom een verhoogde kans om zelf ook een psychose te krijgen. Hoe hoog die kans is, is niet zo goed te zeggen, omdat omgevingsfactoren ook een belangrijke rol spelen.

 

Wilt u dit document printen dan kunt u hier een pdf-versie downloaden.

Wilt u ook uw verhaal kwijt, dat kan: verhalen kunnen gemaild worden via info@kinderneurologie.eu en zullen daarna zo spoedig mogelijk op de site worden geplaatst. Voor meer informatie zie hier.

 

Referenties
1. An overview of medical risk factors for childhood psychosis: Implications for research and treatment. Giannitelli M, Consoli A, Raffin M, Jardri R, Levinson DF, Cohen D, Laurent-Levinson C. Schizophr Res. 2018;192:39-49
2. Toward a unified theory of childhood trauma and psychosis: A comprehensive review of epidemiological, clinical, neuropsychological and biological findings. Misiak B, Krefft M, Bielawski T, Moustafa AA, Sąsiadek MM, Frydecka D. Neurosci Biobehav Rev. 2017;75:393-406
3. Efficacy and safety of pharmacological and psychological interventions for the treatment of psychosis and schizophrenia in children, adolescents and young adults: a systematic review and meta-analysis. Stafford MR, Mayo-Wilson E, Loucas CE, James A, Hollis C, Birchwood M, Kendall T. PLoS One. 2015;10:e0117166

Links
www.hersenstichting.nl
(Nederlanse stichting voor mensen met een hersenziekte)
www.kenniscentrum-kjp.nl
(Site met informatie over verschillende kinder- en jeugdpsychiatrische ziektebeelden)
www.anoiksis.nl
(Vereniging voor en door psychosegevoelige mensen)
www.ypsilon.org
(Vereniging voor familieleden en naasten met psychosegevoeligheid)

Laatst bijgewerkt: 28 april 2018

 

Auteur: JH Schieving

 

 


 

 

 

Hier is ruimte voor
Uw verhaal

Heeft uw kind nog andere symptomen, laat het ons weten.