A|A|A
kinderneurologie

 

 

 

 

 



Ziektebeelden

Vraag om informatie

Gastenboek

Van A tot en met Z

Praktische links

Contact met ouders

Neurologische woordenlijst

Piriformis syndroom

 

Wat is het piriformis syndroom?
Het piriformis syndroom is een aandoening waarbij de zenuw die door de bil en de achterzijde van het been loopt wordt afgekneld door de piriformis spier waardoor pijnklachten in de bil en in het been kunnen ontstaan.

Hoe wordt het piriformis syndroom ook wel genoemd?
Piriformis de naam van de spier in de bil die er voor zorgt dat de zenuw die door de bil heen loopt (de ischiadicus zenuw) in de knel komt te zitten. Het piriformis syndroom wordt afgekort tot de letters PS

Fat wallet syndrome
In Engeland wordt het piriformis syndroom ook wel fat wallet syndrome genoemd. Een van de mogelijke oorzaken van het piriformis syndroom is namelijk het dragen van een dikke portemonnee in de achterzak van de broek.

Ischialgie
Ischialgie is een verzamelnaam voor aandoening die zorgen voor pijn in de rug/het bekken die uit kan stralen naar het been. Het piriformis syndroom is een vorm van ischialgie. Andere aandoeningen die ook ischialgie kunnen geven zijn bijvoorbeeld een rughernia of SI-dysfunctie. Ischialgie wordt ook wel ischias genoemd.

Hoe vaak komt het piriformis syndroom voor bij kinderen?
Het is niet goed bekend hoe vaak het piriformis syndroom voorkomt bij kinderen of bij volwassenen. Het komt veel vaker voor bij volwassenen dan bij kinderen.
Geschat wordt dat bij één op de zestien mensen waarbij er sprake is van pijn in de bil uitstralend naar het been sprake is van het piriformis syndroom.

Bij wie komt het piriformis syndroom voor?
Het piriformis syndroom kan op alle leeftijden voorkomen, zowel bij kinderen, maar veel vaker bij volwassenen. Het piriformis syndroom komt op de kinderleeftijd het meest voor bij pubers. Bij volwassenen wordt het syndroom vaker gezien bij volwassenen boven de leeftijd van 40 jaar.
Zowel jongens/mannen als meisjes/vrouwen kunnen een piriformis syndroom krijgen. Op volwassen leeftijd komt het piriformis syndroom vaker voor bij vrouwen dan bij mannen.

Wat is de oorzaak van het piriformis syndroom?
Spier drukt op de zenuw
Door allerlei verschillende oorzaken kan de piriformis spier druk uitoefenen op de ischiadicus zenuw, waardoor deze zenuw in de knel komt te zitten en niet goed meer kan functioneren waardoor klachten ontstaan. De piriformis spier wordt actief wanneer een gestrekt been naar buiten gedraaid wordt (exorotatie genoemd) of wanneer een gebogen been tegen het andere been aangedrukt wordt (abductie genoemd). Wanneer de spier actief wordt, wordt de spier korter en dikker en kan de spier op de zenuw gaan drukken.

Dikker worden van de piriformis spier
Door trainen van de spier of door overbelasting van de piriformis spier door een verkeerde houding tijdens zitten of bewegen, kan de spier dikker worden, waardoor de spier de zenuw af gaat knellen. Sporten waarbij het been veel naar buiten gedraaid wordt (zoals bij dansen) kan zorgen voor overbelasting van de spier. Maar ook langdurig wandelen, hard lopen, fietsen of roeien kan zorgen voor overbelasting van de spier. Overbelasting van de spier kan ook ontstaan door een verkeerde houding tijdens zitten en/of door overgewicht. Jongeren of volwassenen met afwijkingen van de rug, het bekken of de bovenbenen krijgen gemakkelijker overbelasting van de piriformisspier.

Afwijkend aangelegde spier
Bij een op de zeven mensen bestaat de piriformis spier uit twee spierbuiken in plaats van een spierbuik. De ischiadicus zenuw loopt dan vaak tussen de twee spierbuiken door. Door training van de spier of door een verkeerde houding tijdens zitten of bewegen kan de spier dikker worden. De zenuw kan dan tussen beide spierbuiken in de knel komen te zitten.

Afwijkend aangelegde zenuw
De ischiadicus zenuw kan uit twee delen bestaan in plaats van uit een zenuw. Een deel kan op een andere manier langs de piriformis spier lopen, waardoor de spier drukt op de zenuw.

Portemonnee of mobiel in de achterzak
Wanneer een jongere of volwassenen een dikke portemonnee of mobiel in de achterzak draagt die op de spier drukt, kan de spier ook overmatig op de zenuw gaan drukken.

Ongeval
Door een val op de billen, kan de spier en/of de zenuw beschadigd raken, waardoor ook het piriformis syndroom kan ontstaan.

Operatie
Na een operatie in het bil of bekkengebied kan littekenweefsel ontstaan die op de ischiadicus zenuw gaat drukken.

Ischiadicus zenuw
De ischiadicus zenuw is een belangrijke zenuw die via de bil naar de achterzijde van het been toeloopt. De zenuw zorgt voor het aansturen van verschillende spieren in het been. Ook zorgt de zenuw dat gevoelssignalen en pijnsignalen van de achterzijde van het been naar de hersenen toe gestuurd kunnen worden. Druk op de zenuw zorgt dat de zenuw ontstoken en verdikt raakt, waardoor de zenuw zijn werk niet goed kan doen. Gevoelssignalen worden niet op de juiste manier doorgegeven en de spieren kunnen niet op de juiste manier worden aangestuurd.

Wat zijn de symptomen van het piriformis syndroom?
Variatie
Er bestaat een grote variatie in de hoeveelheid en de ernst van de symptomen die verschillende mensen met het piriformis syndroom hebben. Dit betekent dat onderstaande klachten kunnen, maar niet aanwezig hoeven te zijn.

Aan een kant
Meestal is er sprake van een piriformis syndroom aan een kant van het lichaam. Zelden komt het piriformis syndroom tegelijkertijd aan twee kanten van het lichaam voor.

Pijnklachten
Vaak hebben jongeren en volwassenen met het piriformis syndroom last van pijnklachten diep midden in de bil. De pijn kan van de bil uitstralen naar de heup of naar de achterzijde van het been, soms tot aan de voet. De pijn kan ook uitstralen naar de rug toe, maar dit komt niet vaak voor. Ook kunnen steken in de spieren aan de achterzijde van het been voorkomen.

Kramp
Door het knel zitten van de zenuw kan kramp in de spieren die aangestuurd worden door de zenuw ontstaan, zoals kramp in de kuit, de voetzool of in het bovenbeen.

Bewegen
Spontane bewegingen van de spieren van de tenen en de voet kunnen voorkomen bij jongeren of volwassenen met het piriformis syndroom.

Krachtsverlies
Een klein deel van de jongeren of volwassenen heeft krachtsverlies van de spieren die het bene buigen. Hierdoor kunnen problemen met lopen en bewegen ontstaan.

Verandering volume van de spieren
Een lang bestaand piriformis syndroom kan zorgen dat de spieren aan de achterzijde van de bil en het been geleidelijk aan dunner worden. Bij een klein deel van de jongeren en volwassenen worden deze spieren eerst dikker van volume, om daarna pas af te nemen in volume.

Tintelingen
Een deel van de jongeren en volwassenen heeft last van tintelingen die van de bil naar de achterzijde van het been, soms tot aan de voet kunnen lopen. Zelden is er sprake van een doof gevoel of een gebied wat juist overgevoelig is bij aanraken.

Toename klachten
Vaak nemen de pijnklachten en tintelingen toe na langdurig zitten of langdurig wandelen, hardlopen of fietsen. Ook kunnen traplopen en door de knieën buigen zorgen voor toename van de pijnklachten.

Verminderen van de klachten
Het liggen op de rug zorgt vaak voor afname van de klachten.

Hoe wordt de diagnose piriformis syndroom gesteld?
Verhaal en onderzoek
Op grond van het verhaal van een kind of volwassenen met pijn diep midden in de bil die uitstraalt naar de achterzijde van het been al dan niet in combinatie met tintelingen langs de achterzijde van het been in combinatie met het ontstaan van pijnklachten bij bepaalde testen bij het lichamelijk onderzoek kan de diagnose piriformis syndroom worden gesteld. Druk midden op de pil veroorzaakt de typische pijnklachten die horen het bij piriformis syndroom. Ook zorgt het buigen van de heup en deze naar binnen toedraaien in de richting van de andere heup voor het ontstaan van de kenmerkende pijnklachten. (FLAIR: Flexion, Adduction, Internal Rotation) Klachten die worden veroorzaakt door een rughernia (HNP) kunnen veel lijken op die van het piriformis syndroom. Ook kan een niet goed functionerend SI-gewricht klachten geven die veel lijken op het piriformis syndroom. Bij ouderen kan artrose van het heupgewricht of een kanaalstenose in de wervelkolom soortgelijke klachten geven.

EMG
Een EMG is een onderzoek waarbij de zenuwen kunnen worden doorgemeten om te kijken of de zenuwen goed functioneren. Dit gebeurt met kleine stroompjes. Op deze manier kan gezien worden dat de ischiadicus zenuw niet goed werkt en kan ook gezien op welke plek de zenuw niet goed werkt. Dit is bij mensen met het piriformis syndroom ter hoogte van de bil.

Zenuwecho
Door middel van een zenuwecho kan gekeken worden of er bijzonderheden te zien aan de ischiadicuszenuw. Afknelling van de zenuw zorgt voor een verdikking van de zenuw ter plaatse van de bil. Een zenuwecho kan alleen in gespecialiseerde centra in Nederland worden verricht, het is niet in elk ziekenhuis mogelijk.

MRI scan van de rug
Omdat de klachten van het piriformis syndroom veel kunnen lijken op de klachten van het piriformis syndroom, wordt bij klachten die langer bestaan dan 6 weken vaak een MRI scan van de rug gemaakt om te kijken of er aanwijzingen zijn voor de aanwezigheid van een rughernia. Dit is bij mensen met het piriformis syndroom niet het geval.

MRI bekken
Door middel van een MRI scan van het bekken kan gekeken worden waar de ischiadicus zenuw in de knel zit en of er bijvoorbeeld sprake is van twee spierbuiken waar tussen de ischiadicus zenuw in de knel komt te zitten.

Hoe wordt het piriformis syndroom behandeld?
Geen dikke portemonnee meer in de achterzak
Wanneer een dikke portemonnee of mobiele telefoon in de achterzak de oorzaak is van het ontstaan van het piriformis syndroom, is het belangrijk om dit niet meer te doen.

Rekken van de spier
Door het doen van rekoefeningen kan de spier die verkort en verdikt is geraakt, weer langer en dunner worden, waardoor de druk op de zenuw kan afnemen. Een fysiotherapeut kan adviezen geven welke oefeningen geschikt zijn om de spier te rekken. Verkrampte bilspieren kunnen ontspannen door met de billen over een tennisbal of foamroller te rollen of door er een warm waterkruik met een hoes eromheen tegen aan te leggen.

Blijven bewegen
Het is belangrijk om de piriformis spier rust te geven door intensief belasten van de piriformis spier te verminderen. Het is wel belangrijk om in beweging te blijven en niet helemaal te stoppen met bewegen. Ook is het belangrijk om niet langdurig achter elkaar te zitten, maar na elk uur minstens 5 minuten te gaan bewegen.

Fysiotherapie
Een fysiotherapeut kan door middel van rektechnieken en mobilisatie technieken zorgen dat de zenuw meer ruimte krijgt en minder afgekneld wordt door de verdikte piriformis spier. Ook kan de fysiotherapeut adviezen en oefeningen geven voor een goede houding.

Pijnstillers
Pijnstillers zoals paracetamol kunnen pijnklachten als gevolg van het piriformis syndroom verminderen. Soms wordt gekozen voor zogenaamde NSAID’s omdat deze pijnstillers naast een pijnstillend effect ook een ontstekingsremmend effect hebben. Wel kunnen de NSAID’s meer bijwerkingen hebben dan paracetamol. Het langdurig dagelijks gebruik van pijnstillers wordt ontraden. Wanneer dit nodig is, is het goed om naar andere behandelvormen te gaan kijken.

Injectie rondom de zenuw
Door middel van een injectie met een pijnstillend (lidocaïne) en ontstekingsremmend medicijn (methylprednisolon) rondom de zenuw ter hoogte van de afknelling, kan de ontsteking in de zenuw tot rust brengen waardoor de zenuw kan genezen. Bij veel aandoening waarbij een zenuw in de knel zit is dit een effectieve behandeling. In geval van een piriformis syndroom blijkt dit minder goed te helpen.

Botulinetoxine
Een injectie met botulinetoxine in de piriformisspier kan de spier voor de duur van enkele maanden minder krachtig maken, waardoor de spier niet meer in staat is om op de zenuw te drukken. Het is belangrijk om intussen tijd te kijken of de oorzaak van het ontstaan van het piriformis syndroom weggenomen kan worden. Het effect van de botuline injectie neemt namelijk na een week of 8-12 geleidelijk aan af.

Operatie
Wanneer bovenstaande behandelingen onvoldoende effect hebben en er sprake is van een dubbele spierbuik van de piriformis waar de ischiadicus zenuw tussen bekneld raakt, dan is het mogelijk een van deze spierbuiken weg te halen door middel van een operatie.

Contact met andere ouders
Door het plaatsen van een oproep op het forum van deze site kunt u proberen in contact te komen met andere kinderen en hun ouders die ook te maken hebben met het piriformis syndroom.

Wat betekent het hebben van het piriformis syndroom voor de toekomst?
Verdwijnen van de klachten
Bij het merendeel van de jongeren en volwassenen met het piriformis syndroom verdwijnen de klachten door middel van het staken van intensief belasten van de spieren in combinatie met rekken van de spier. Bij een ander deel van de jongeren en volwassenen is een behandeling nodig met botuline toxine of een operatie om de klachten te doen verdwijnen. Zenuwen herstellen in een langzaam tempo, dus het kan wel enkele weken tot maanden duren voordat de zenuw weer helemaal hersteld is en de klachten verdwijnen. Hoe ernstiger en langer de afknelling van de zenuw, hoe langer het herstel zal duren.

Blijvende klachten
Bij een klein deel van de jongeren en volwassenen blijven er klachten bestaan ondanks een behandeling. Bij hen is de zenuw te veel beschadigd en is volledig herstel van het zenuwweefsel niet meer mogelijk.

Terugkeer van de klachten
Kinderen en volwassenen die een keer een piriformis syndroom gehad hebben, kunnen, afhankelijk van de oorzaak, gevoeliger om later nog een keer het piriformis syndroom te krijgen. Daarom is het belangrijk om blijvend alert te zijn op een goede zit en loophouding om overbelasting van de piriformis spier te voorkomen.

Levensverwachting
Het hebben van het piriformis syndroom heeft geen invloed op de levensverwachting van een jongere of volwassene.

Kinderen krijgen
Het hebben van een piriformis syndroom heeft geen invloed op de vruchtbaarheid. Vrouwen die eerder een piriformis syndroom hebben gehad, moeten goed op hun houding letten zeker tijdens de laatste maanden van de zwangerschap. Er bestaat een kans dat vrouwen tijdens de zwangerschap als gevolg van toename van het gewicht van de buik en het losser worden van bindweefsel in het bekken opnieuw last krijgen van klachten als gevolg van het piriformis syndroom. Kinderen van een volwassene met het piriformis syndroom hebben wanneer er sprake is van een afwijkende vorm van de piriformisspier een licht verhoogde kans om zelf ook het piriformis syndroom te krijgen. Wanneer het piriformis syndroom het gevolg is van een ongeval, zal dit niet het geval zijn.

Hebben broertjes en zusjes een vergrote kans om het piriformis syndroom te krijgen?
Meestal is het piriformis syndroom niet het gevolg van een erfelijke aandoening en zal de kans dat een broertje of zusje ook het piriformis syndroom krijgt klein zijn.
Bij een deel van de mensen is er sprake van een onderliggende aandoening waarbij de zenuwen erg kwetsbaar zijn voor druk. Deze aandoening wordt HNLPP genoemd. Dit is een erfelijke aandoening. Broertjes en zusjes hebben dan tot 50% kans om zelf ook een beknelling van een zenuw te krijgen. Dit kan het piriformis syndroom zijn, maar ook een ander zenuw betreffen.

Wilt u dit document printen dan kunt u hier een pdf-versie downloaden.

Wilt u ook uw verhaal kwijt, dat kan: verhalen kunnen gemaild worden via info@kinderneurologie.eu en zullen daarna zo spoedig mogelijk op de site worden geplaatst. Voor meer informatie zie hier.

Heeft u foto's die bepaalde kenmerken van deze aandoening duidelijk maken en die hier op de website mogen worden geplaatst, dan vernemen wij dit graag.

Referenties
1. Piriformis syndrome, diagnosis and treatment. Kirschner JS, Foye PM, Cole JL.
Muscle Nerve. 2009;40:10-8
2. Four symptoms define the piriformis syndrome: an updated systematic review of its clinical features. Hopayian K, Danielyan A. Eur J Orthop Surg Traumatol. 2018;28:155-164
3. Sciatic Nerve Variants and the Piriformis Muscle: A Systematic Review and Meta-Analysis.Poutoglidou F, Piagkou M, Totlis T, Tzika M, Natsis K. Cureus. 2020;12:e11531

Auteur: JH Schieving

Laatst bijgewerkt: 3 mei 2021

 


 

 

 

 

 

 

Hier is ruimte voor
Uw verhaal

Heeft uw kind nog andere symptomen, laat het ons weten.