A|A|A
kinderneurologie

 

 

 

 

 



Ziektebeelden

Vraag om informatie

Gastenboek

Van A tot en met Z

Praktische links

Contact met ouders

Neurologische woordenlijst

De hersenen

 

Je hersenen zijn heel belangrijk. Ze regelen van alles voor je lijf. Dat je kunt bewegen, praten, voelen, lachen, boos zijn, zien, horen en ruiken wordt allemaal geregeld door je hersenen.

Hoe zien de hersenen eruit?

Hersenen hebben een geelroze kleur. Aan de buitenkant hebben de hersenen allemaal groefjes en hobbeltjes, net als een omgeploegd akker van de boer, maar dan wat minder strak gemaakt.

Zo zien de hersenen er van de buitenkant uit.

Aan de buitenkant kun je verschillende delen van de hersenen zien: de grote hersenen, de kleine hersenen en de hersenstam.

De grote hersenen zorgen er voor dat we kunnen bewegen, voelen, zien, horen, ruiken en denken.
De kleine hersenen zorgen er voor dat we ons evenwicht kunnen bewaren, dat bewegen soepel en vloeiend gaat, dat we kunnen onthouden en vlot kunnen praten.
De hersenstam regelt allerlei functies van het gezicht: het bewegen van de spieren van het gezicht, het bewegen van de ogen, het gevoel in het gezicht, het kauwen en slikken. Ook regelt de hersenstam de ademhaling en de hartslag.

Verschillende delen van de grote hersenen

De grote hersenen worden weer verdeeld in verschillende onderdelen. Zo'n onderdeel wordt een kwab genoemd. De verschillende kwabben van de hersenen zijn:

- de frontaal kwab
- de parietaal kwab
- de temporaal kwab
- de occipitaal kwab
- de limbische kwab (alleen aan de binnenkant van de hersenen te zien)

Gewicht van de hersenen

De hersenen van een volwassene wegen iets meer dan een kilo, gemiddeld zo'n 1300 gram. Bij de ene volwassene wegen de hersenen meer dan de andere volwassene.

Hersencellen

In de hersenen zitten hersencellen. De hersenen van een volwassenen bestaan uit ongeveer 100 miljard (100.000.000.000) hersencellen, heel veel dus.
De hersencellen worden ook wel neuronen genoemd. Zo ziet een hersencel eruit.

 

Een hersencel bestaat uit een cellichaam. Boven op het cellichaam zitten antennes die signalen van andere cellen kunnen opvangen. Deze celantennes heten dendrieten. Uit het cellichaam komt een lange uitloper die een signaal door kan geven aan andere hersencellen. Deze lange uitloper heet een axon.

Om de celuitloper zit een beschermlaagje. Dit laagje heet myelinelaagje. Door dit laagje kan de zenuwcel sneller en signaal doorgeven.
Bij baby's hebben maar weinig zenuwcellen zo'n geleidingslaagje. De zenuwen werken dus traag. Met het ouder worden krijgen steeds meer zenuwen een geleidingslaagje. Hierdoor kunnen de zenuwcellen steeds sneller gaan werken. Dit maakt dat een baby zich gaat ontwikkelen en steeds meer kan.

Hersenvliezen

Rondom de hersenen zitten de hersenvliezen. De hersenvliezen vormen een berschermlaagje rondom de hersenen. Ook zorgen de hersenvliezen ervoor dat er een laagje hersenvocht aan de buitenkant van de hersenen zit, waardoor de hersenen zacht in water drijven.

Dit hersenvocht zit tussen het spinnewebvlies (arachnoidea mater) en de pia mater.

 

Slagaders in de hersenen

De hersenen hebben voortdurend bloed nodig om goed te functioneren. Slagaders brengen zuurstofrijk bloed naar de hersenen toe.
Er gaan vier belangrijke slagaders naar de hersenen toe
- 2 halsslagaders een rechts en een links (arteria carotis genoemd)
- 2 nekslagaders een rechts en een links (arteria vertebralis genoemd).

Deze slagaders zijn midden in de hersenen door middel van een knooppunt met elkaar verbonden. Dit knooppunt heet de cirkel van Willis. Op deze manier kunnen alle slagders elkaar helpen om te zorgen dat de hersenen voldoende bloed krijgen.

Uit deze cirkel komen drie hoofdbloedvaten die naar de verschillende delen van de hersenen toe gaan. Deze bloedvaten heten:
- de arteria cerebri anterior
- de arteria cerebri media
- de arteria cerebri posterior

Tussen deze 3 hoofdbloedvaten lopen verbindingsbloedvaten (de arteria communicans anterior en de arteria communicans posterior)
Deze maken de cirkel rond.

 

Aders in de hersenen

Het zuurstofarme bloed wordt via grote aders weer afgevoerd naar de aders in de hals. De aders in de hersenen worden sinussen genoemd Al het bloed van de hersen stroomt via de halsaders (vena jugularis genoemd) terug naar het hart.

 

Holtes in de hersenen

In de hersenen zitten holtes die gevuld zijn met vocht. Deze holtes worden ventrikels genoemd. Er zijn vier ventrikels:

- 2 laterale ventrikels
- een derde ventrikel
- een vierde ventrikel

Het hersenvocht wordt aangemaakt in de 2 laterale ventrikels. Vervolgens gaat het vocht via de foramina van Monro naar de derde ventrikel. Van de derde ventrikel gaat het vocht via het aquaduct van Sylvius naar de vierde ventrikel toe. Vanuit de vierde ventrikel stroomt het hersenvocht naar de ruimte rondom de hersenen en rondom het ruggenmerg toe.

 

Auteur: JH Schieving

Laatst bijgewerkt: 17 juli 2014

 

 

Hier is ruimte voor
Uw verhaal

Heeft uw kind nog andere symptomen, laat het ons weten.