A|A|A
kinderneurologie

 

 

 

 

 



Ziektebeelden

Vraag om informatie

Gastenboek

Van A tot en met Z

Praktische links

Contact met ouders

Neurologische woordenlijst

Ulnaropathie

 

Wat is een ulnaropathie?
Een ulnaropathie is een aandoening waarbij kinderen en volwassenen last hebben van tintelingen, doofheid, pijn en krachtsverlies in de hand als gevolg van afknelling van een zenuw in de arm.

 

Hoe wordt een ulnaropathie ook wel genoemd?
Een ulnaropathie wordt ook wel een ulnaris neuropathie genoemd. Ulnaropathie is eigenlijk een samenvoeging van deze twee woorden. De naam van de zenuw die afgekneld wordt de ulnaris genoemd. Neuropathie wil zeggen dat de zenuw (neuro) ziek is (pathie).

 

Hoe vaak komt een ulnaropathie voor bij kinderen?
Het is niet goed bekend hoe vaak een ulnaropathie voorkomt bij kinderen. Het komt veel vaker voor bij volwassenen dan bij kinderen. Bij volwassenen komt een ulnaropathie regelmatig voor.

 

Bij wie komt een ulnaropathie voor?
Een ulnaropathie kan op alle leeftijden voorkomen. Het komt op de kinderleeftijd het meest voor bij pubers.
Zowel jongens als meisjes kunnen een ulnaropathie krijgen. Op volwassen leeftijd komt een ulnaropathie vaker voor bij vrouwen dan bij mannen.

 

Wat is de oorzaak van een ulnaropathie?
Afknelling van de zenuw
De klachten van een ulnaropathie ontstaan doordat de zenuw (de ulnaris) op een bepaalde plek in de knel komt te zitten. Door de afknelling raakt het beschermlaagje van de zenuw kapot, waardoor de zenuw niet goed zijn werk kan doen. Wanneer de afknelling langer aanhoudt of heel ernstig is kunnen ook de zenuwvezels zelf kapot gaan.

Elleboog
Vaak zit de plek van afknelling van de zenuw in de elleboog. Hier ligt de zenuw vlak onder de huid omgeven door de botjes van de elleboog die vaak bewogen worden. Op deze plek kan de zenuw gemakkelijk afgekneld raken. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren door het veelvuldig leunen op de elleboog.

Pols
Een andere plek waar de zenuw afgekneld kan raken is in de pols. Ook hier wordt de zenuw omgeven door allerlei botjes en pezen en de pols wordt ook veel bewogen waardoor de zenuw gemakkelijk in de knel kan komen te zitten. De plaats waar de zenuw de allerminste ruimte heeft en dus het meest afgekneld raakt, is het zogenaamd kanaal van Gyon. Ulnaropathie door afknelling van de zenuw in de pols komt voor bij kinderen die veel fietsen en met hun hand op het handvat leunen.

Andere plaats
Afknelling op andere plaatsen komt veel minder voor. De zenuw loopt van de nek helemaal naar de hand toe, maar meestal ligt de zenuw op al die andere plaatsen niet vlak onder de huid en wordt de zenuw daar ook niet omgeven door allerlei andere structuren die de zenuw kunnen afknellen.

Ongeval
De zenuw kan ook beschadigd raken door een ongeval, bijvoorbeeld door het breken van een arm of door een andere verwonding van de arm (zoals een beet van een hond).

Onderliggende aandoening
Kinderen en volwassenen met een aandoening van de zenuwen zijn kwetsbaarder om last te krijgen van een ulnaropathie. Dit geldt bijvoorbeeld voor kinderen en volwassenen met de aandoening HNLPP: Hereditary Neuropathy met Liability to Pressure Palsy. Dit is een genetische aandoening waarbij de zenuwen erg kwetsbaar zijn voor druk. Bij deze aandoening kan nog gemakkelijker een ulnaropathie ontstaan. Ook bij kinderen met een polyneuropathie bijvoorbeeld als gevolg van suikerziekte of als gevolg van de genetische aandoening HMSN kan gemakkelijker een ulnaropathie ontstaan.

 

Wat zijn de symptomen van een ulnaropathie?
Variatie
Er bestaat een grote variatie in de hoeveelheid en de ernst van de symptomen die verschillende mensen met een ulnaropathie hebben. Niet alle onderstaande klachten hoeven tegelijkertijd aanwezig te zijn.

Tintelingen
Een lichte beknelling van de zenuw zorgt vaak voor tintelingen in de hand en de arm. Deze tintelingen zitten vaak in de pink en in de ringvinger of in de hand aan de kant van de pink. De tintelingen kunnen uitstralen naar het stuk van de onderarm aan de kant van de pink.

Pijnklachten
Beknelling van de zenuw kan ook zorgen voor pijnklachten, ook hier weer in de pink en in de ringvinger en de hand en onderarm aan de kant van de pink.

Verdoofd gevoel
Naast tintelingen kan de huid ook verdoofd aanvoelen. Dit komt ook weer voor in de pink en in de ringvinger.

Krachtsverlies
Ook krachtsverlies in de hand komt vaak voor als gevolg van een ulnaropathie. Het kan bijvoorbeeld lastig zijn om een deksel van een potje af te halen. Het krachtsverlies kan ook ontstaan als gevolg van pijnklachten, zonder dat de spieren daadwerkelijk minder sterk zijn. Bij een ernstige beknelling van de zenuw zullen de spieren die pink bewegen en die zorgen voor spreiden van de vingers niet goed functioneren.

Afwijkende stand
Door de zwakte van de spieren kan de hand in een afwijkende stand staan. Deze afwijkende stand wordt ook wel een klauwhand genoemd. Dit omdat de vingers in een zo’n stand staan dat de hand de vorm van een klauw heeft. Met name de vingers van de pink en de ringvinger kunnen niet goed gestrekt worden. Zie op de foto's hieronder.

 

Kramp
Een ulnaropathie kan ook zorgen voor het ontstaan van kramp in de handspieren.

Dunner worden van de spieren
Wanneer de zenuw langdurig in de knel heeft gezeten en de spieren hierdoor niet goed hun werk konden doen, dan zullen de spieren dunner worden. De vorm van de hand verandert dan, de zogenaamde pinkmuis (verdikking van de hand onder de pink) verdwijnt dan.

Nagels
Wanneer de zenuw langdurig in de knel heeft gezeten kunnen de nagels van de pink en de ringvinger dunner worden en gemakkelijker breken.

Slecht slapen
Overdag hebben kinderen en volwassenen vaak afleiding, maar ’s nachts is dit niet het geval en vallen de klachten vaak meer op. Dit kan kinderen en volwassenen uit hun slaap houden, waardoor ze overdag vermoeid zijn.

 

Hoe wordt de diagnose ulnaropathie gesteld?
Verhaal en onderzoek
Op grond van het verhaal van een kind of volwassenen van tintelingen, doofheid, pijn en eventueel krachtsverlies in de pink en in de ringvinger kan de diagnose ulnaropathie worden vermoed. Er zal aanvullend onderzoek nodig zijn om de diagnose met meer zekerheid te stellen. Andere aandoeningen die soortgelijke klachten kunnen geven zijn een carpaal tunnel syndroom, een nekhernia, neuralgische amyotrofie, spinale spieratrofie, een zogenaamde golfers elleboog of RSI-klachten.

EMG
Een EMG is een onderzoek waarbij de zenuwen kunnen worden doorgemeten om te kijken of de zenuwen goed functioneren. Dit gebeurt met kleine stroompjes. Op deze manier kan gezien worden dat de zenuw ulnaris niet goed werkt en kan ook gezien op welke plek de zenuw niet goed werkt.

ECHO van de zenuw
Het is ook mogelijk om een ECHO van de zenuw te maken. Wanneer de zenuw in de knel zit zal deze gaan zwellen. Door de zwelling wordt de zenuw dikker en dit is te zien met de ECHO. Op deze manier kan ook bepaald worden waar de zenuw in de knel zit. Soms kan met de ECHO ook gezien worden waardoor de zenuw in de knel zit.

Hoe wordt een ulnaropathie behandeld?
Afwachten
Wanneer de klachten kort bestaan en mild zijn, dan is de beste behandeling vaak afwachten. De zenuw kan zichzelf dan herstellen waarna de klachten weer zullen verdwijnen.

Geen druk op de zenuw
Het is belangrijk om verdere beschadiging van de zenuw te vermijden door te zorgen dat er geen druk op de zenuw meer komt te staan. Omdat de meest voorkomende plaats van afknelling van de zenuw de elleboog is, is het belangrijk om niet meer op de elleboog te leunen. Dit is makkelijk gezegd maar niet zo makkelijk gedaan. Automatisch leunen mensen heel vaak op hun elleboog. Het kan daarom soms helpen om de elleboog heel goed in te pakken met een zacht verband zodat het ook niet gemakkelijk is om de zenuw te leunen.

Bewegen van het gewricht verminderen
Een andere reden waardoor de zenuw opnieuw schade kan oplopen is door het herhaaldelijk bewegen van het gewricht. Het kan daarom goed zijn om de elleboog of de pols een aantal dagen te ontzien. Dit moet ook weer niet te lang zo zijn, omdat gewrichten beweging nodig hebben om soepel te blijven.

Operatie
Wanneer de zenuwschade groot is of de klachten niet verbeteren met afwachten en ontzien van de zenuw, dan kan een operatie worden verricht. Deze operatie wordt vaak uitgevoerd door de neurochirurg of door de plastische chirurg. Er zijn verschillende operaties mogelijk. Bij een type operatie wordt al het weefsel rondom de plaats waar de zenuw in de knel zit los gemaakt, zodat dit weefsel niet meer op de zenuw kan drukken. Bij een ander type operatie wordt de zenuw verplaatst en op een andere plek neer gelegd, waar er minder gemakkelijk druk op de zenuw kan ontstaan. Zo’n operatie wordt een transitie genoemd. Vaak gaan de klachten enkele weken na de operatie geleidelijk aan verbeteren.

Contact met andere ouders
Door het plaatsen van een oproepje op het forum van deze site kunt u proberen in contact te komen met andere kinderen en hun ouders die ook te maken hebben met een ulnaropathie.

 

Wat betekent het hebben van een ulnaropathie voor de toekomst?
Verdwijnen van de klachten
Bij het merendeel van de kinderen en volwassenen met een ulnaropathie verdwijnen de klachten spontaan of door middel van een operatie. Zenuwen herstellen in een langzaam tempo, dus het kan wel enkele weken duren voordat de zenuw weer helemaal hersteld is en de klachten verdwijnen.

Blijvende klachten
Bij een klein deel van de kinderen en volwassenen blijven er klachten bestaan ondanks een behandeling. Bij hen is de zenuw te veel beschadigd en is volledig herstel van het zenuwweefsel niet meer mogelijk.

Terugkeer van de klachten
Kinderen en volwassenen die een keer een ulnaropathie gehad hebben, zijn gevoeliger om later nog een keer een ulnaropathie te krijgen. Daarom is het belangrijk om blijvend alert te zijn op een goede werkhouding waarbij de zenuw zo min mogelijk belast wordt en om leunen op de elleboog in de toekomst te voorkomen.
Soms is een ulnaropathie een uiting van een onderliggende aandoening zoals HNLPP. Bij deze aandoening zijn de zenuwen erg kwetsbaar om onder invloed van druk beschadigd te raken. Kinderen en volwassenen met deze aandoening, hebben sterk verhoogde kans om nog een ulnaropathie te krijgen of een beknelling van een andere zenuw.

Kinderen
Een volwassene met een ulnaropathie kan gewoon kinderen krijgen. Meestal zullen deze kinderen geen duidelijk verhoogde kans hebben om een ulnaropathie te krijgen. Dit is alleen het geval als de ulnaropathie het gevolg is van een onderliggende aandoening zoals een HNLPP. In die situatie hebben kinderen 50% kans om ook HNLPP te krijgen. Kinderen en volwassenen met een HNLPP hebben een sterk verhoogde kans om een beknelling van een zenuw te krijgen.

 

Hebben broertjes en zusjes een vergrote kans om een ulnaropathie te krijgen?
Meestal is een ulnaropathie niet het gevolg van een erfelijke aandoening en zal de kans dat een broertje of zusje ook een ulnaropathie krijgt heel klein zijn. Bij een deel van de mensen is er sprake van een onderliggende aandoening waarbij de zenuwen erg kwetsbaar zijn voor druk. Deze aandoening wordt HNLPP genoemd. Dit is een erfelijke aandoening. Broertjes en zusjes hebben dan tot 50% kans om zelf ook een beknelling van een zenuw te krijgen. Dit kan een ulnaropathie zijn, maar ook een ander zenuw betreffen.

 

Wilt u dit document printen dan kunt u hier een pdf-versie downloaden.

Links
www.neurologie.nl
(site van de nederlandse vereniging van neurologie)
www.vsn.nl
(site van de nederlandse vereniging voor spierziekten)

Laatst bijgewerkt: 16 juli 2014

 

Auteur: JH Schieving

 

 

 

Hier is ruimte voor
Uw verhaal

Heeft uw kind nog andere symptomen, laat het ons weten.